Weekblad deGouda digitaal

Kat in de Stad: Drinken doe je met je maten

Ik heb iets gedaan wat de meeste katten nooit in hun leven zullen doen. En zeker niet de katten die ik kende toen ik nog op de boerderij woonde. Wat ik heb gedaan is sowieso meer een mensending. En ook al was het op het laatst wat gênant, ik sluit niet uit dat ik het nog een keer ga doen. 

Er zijn een hoop dingen die je niet in de stad hebt en wel op de boerderij. Ik noem: rondscharrelende varkens, balen hooi waarop je uren kunt zonnebaden en een heel leger smakelijke muizen. Andersom zijn er in de stad dingen waarvan je het bestaan niet weet als je je hele leven op de boerderij hebt gewoond. Zoals de markt en meer specifiek de viskraam met die verrukkelijke sardientjes, voorbijgangers die je een aai over je kop geven en restaurants en cafés. Over dat laatste wil ik het met jullie hebben.

Het duurde even voordat ik in de gaten had wat een café was. Ik dacht eerst dat Joost het over een speciaal soort koffie had. Ik vang wel eens iets op als de tv aanstaat. Tegen de tijd dat ik begreep dat het een plek was waar je wat kunt drinken met je soortgenoten, waren die dingen gesloten en ook nog eens best een lange tijd. Ik snap dat mijn mensen blij waren toen ze hoorden dat ze er weer naartoe konden. Ik zou het ook gezellig vinden als ik mijn bakje water samen met Pedro, die zwart-witte knapperd van de overkant, kon drinken.

Goed, twee dagen geleden gingen Joost en Kathleen eindelijk naar het café. Ik had de hele dag binnen gezeten en besloot dat ik met ze mee zou gaan. Kathleens eerdere bezorgdheid dat ik zou kunnen verdwalen was geen argument meer, ze weet inmiddels dat ik regelmatig de halve binnenstad door banjer. Ik volgde ze geruisloos tijdens hun korte wandeling door de miezerregen. Maar toen we op de plek van bestemming aankwamen, liep het anders dan ik had verwacht.

‘Gekke Koosje,’ lachte Joost, ‘Wat doe jij hier? De Goudse Eend is echt alleen voor mensen. Ga jij maar gezellig naar je kattenvrienden.’ Hij liep naar binnen. Kathleen gaf me nog een aaitje, zei dat ik naar huis moest gaan en volgde Joost. De deur viel dicht en ik droop af, terwijl de regendruppels dikker werden.

De volgende ochtend leek Kathleen uit haar doen. Tijdens het ontbijt stootte ze haar kop thee om en even later liet ze haar mes op de grond vallen. En dat niet alleen. Tot mijn stomme verbazing hoorde ik haar zeggen dat ze een flinke kater had.

Oké, ik ben stevig. En ja, ik heet Koosje, maar die naam heeft zij mij gegeven. Beledigd liep ik naar de voordeur en begon te mauwen. Kathleen greep zuchtend naar haar hoofd en liet me naar buiten. Ik wandelde langs de gracht en probeerde zo poezerig mogelijk te lopen. Ineens hoorde ik iets achter me. Ik draaide me om en keek recht in de groene ogen van Pedro.

‘Hé Koosje, wat loop je vreemd, heb je soms last van je poot?’

‘Eh, nee hoor.’ Ik ging snel zitten.

‘Hoe gaat het?’

‘Nou ja, wat zal ik zeggen?’ Natuurlijk ging ik niet vertellen dat Kathleen me had uitgemaakt voor dikke kater. Wel vertelde ik hem over mijn mislukte uitstapje van de avond ervoor. En hoe Joost en Kathleen later op de avond nogal luidruchtig en flauwe grappen makend thuiskwamen.

‘Ach Koosje, maak je niet druk, kom vanmiddag gewoon naar het kattencafé, dat is veel leuker.’

Verhaal gaat verder na de foto

Koosje in biercafé De Goudse Eend in Gouda

Ik keek hem blijkbaar zo verbaasd aan dat hij begon te grijnzen, waarbij zijn snorharen lichtjes trilden.

‘Het bestaat echt, hoor. Bij Brokken & Zo XXL. Ken je die winkel?’

Ik knikte. Natuurlijk wist ik waar de dierenwinkel was. Nooit geweten dat je daar als kat naar binnen mocht. ‘Oké, ik kom waarschijnlijk wel even,’ zei ik. Niet te hard van stapel lopen. Pedro leek tevreden met mijn antwoord en liep door. Net toen ik wilde vragen hoe laat hij er zou zijn, keek hij om en riep: ‘Ik ben er als de kerkklok drie keer heeft geslagen.’ Het was vast geen toeval dat op dat moment de zon doorbrak.

’s Middags liep ik in één rechte lijn naar Brokken & Zo op de Nieuwe Markt. Ik wachtte voor de glazen deur, maar die was dicht. In de etalage zag ik een grote rood-witte kater liggen, diep in slaap. Net toen ik me afvroeg hoe ik binnen moest komen, kwam er een man aanlopen. Hij passeerde me en de glazen deuren schoven vanzelf uit elkaar. Magisch.

Ik schoot achter hem aan naar binnen en bleef midden in de winkel staan. Het duizelde me, zo veel dierenspullen bij elkaar in één winkel. Ik besloot een rondje te lopen en kreeg acuut honger bij het zien van de enorme stapels kattenblikjes. Nadat ik twee keer de winkel rond was gegaan, was ik nog steeds geen plek tegengekomen waar je met je kattenvrienden iets kon drinken. Erger nog, Pedro was ook nergens te bekennen. Had hij me er in geluisd? Vond hij me soms ook te dik en te mannelijk? Ik voelde een lichte pijn in mijn buik opkomen en wilde het liefst een potje gaan mauwen.

‘’Wat doet jij hier, meisje?’ Het was de stem van de vrouw die achter de toonbank stond. ‘Kom maar lieverd, het is veel te mooi weer om binnen te blijven.’ Ze pakte me op. De magische deuren openden zich opnieuw, zonder dat zij ze aanraakte. Buiten zette ze me voorzichtig op de grond. ‘Ons kattencafé?’ riep ze, terwijl ze zich omdraaide naar de man die nog binnen stond. Ik spitste mijn oren. ‘Dat is in onze andere vestiging, Brokken & Zo XXL, een klein half uurtje lopen van hier.’

Ik voelde de moed in mijn kattenpoten zinken. Een half uur? Dan zou ik nooit meer op tijd zijn voor Pedro. Met een zwaar gevoel in mijn lijf stak ik het plein over en schudde mijn kop. Ik en cafés, het was geen goede combinatie.

Ik wandelde een zijstraat in en voordat ik het wist stond ik voor het pand waar Joost en Kathleen de avond ervoor naar binnen waren gegaan. De Goudse Eend, dat was het. De deur stond open en ik wierp een blik naar binnen. Aan een hoge tafel zaten een paar mannen. Ze hadden een glas bier in hun hand. Net toen ik me afvroeg wat hier nu zo bijzonder aan was, kwam vanachter uit de zaak een hond aan rennen. Ik begon direct te blazen en maakte mijn rug zo hoog mogelijk.

‘Rustig maar,’ blafte het beest zachtjes. ‘Ik doe je niks. Je mag wel binnen komen, hoor.’

En je gelooft het niet, maar even later zat ik op een bankje op het kleine terras achter het café, naast niemand minder dan James de Barhond. Hij bleek gewoon een beroemdheid te zijn! Hij had zelfs een eigen Instagram-account, al had ik geen idee wat dat was. De baas van de Goudse Eend zette een bakje water op het tafeltje voor ons neer. ‘Proost!’ zei hij lachend. James blafte terug en weg was de man.

‘Moet je opletten.’ James keek me vrolijk aan waarbij het leek alsof hij knipoogde. Met een snelle beweging stootte hij het halfvolle biertje dat nog op tafel stond omver. De inhoud belandde precies in onze waterbak.

‘Sssst…’ fluisterde hij. Toen begon hij te drinken en ik begreep dat ik zijn voorbeeld moest volgen. We deden precies wat mensen doen in een café. Even voelde ik me schuldig tegenover Pedro, maar ik bedacht dat dat niet nodig was. James was immers een hond. We waren gewoon matties.

James slobberde het water met grote halen naar binnen, en ook ik deed mijn best, ondanks de bittere smaak. Ik voelde me op een of andere manier verbonden met deze James en met elk slokje water voelde ik me lichter worden. Toen de bak leeg was, sprong James van de bank, groette me en ging zitten bij een stel dat net een schaaltje met bitterballen had gekregen.

Ik wachtte, maar James kwam niet terug. Het was niet erg, want ik was ineens doodmoe en verlangde naar huis. Ik sprong op de grond en voelde me dizzy. Zou dat door de warmte komen? Een beetje wankel liep ik over de gracht terug. Beschaamd keek ik om me heen, maar Pedro was gelukkig nergens te bekennen. Thuis rolde ik me op op het kleed en viel als een blok in slaap.

En nu zit ik op de vensterbank met een kop als een blok beton. Ik kan mijn ogen niet openhouden.

‘Beetje moe, Koosje?’ vraagt Joost.

‘Ze heeft vast de bloemetjes buiten gezet,’ zegt Kathleen. ‘Misschien heeft Koosje nu een kater, haha!’

Ik laat me op mijn buik zakken. Zou Kathleen iets weten van Pedro? Geen idee hoe ze erbij komt, maar ik vind het een heerlijke gedachte. Ik sluit mijn ogen en droom weg.

(Lees hier alle verhalen terug van Kat in de Stad)

Links kat Pedro samen met Koosje bij Brokken & Zo in Gouda

Gerelateerde artikelen

Print Media Nederland

Uitgever van:

Weekblad deGouda
GoudaFM
GoudaTV



Volg ons op



Contact

Karnemelksloot 31
2806 BA Gouda

T 0182 - 322 456


E info(@)degouda.nl